Verhuur van luxe vakantiewoningen aan de Côte d’Azur
Bel ons: +31 (0)88 2278466

From the blog

Van je Franse buren moet je ‘t hebben

Joost Schwartz

Joost Schwartz, directeur van Villas d’Azur, vertelt over zijn ervaringen en belevenissen aan de Côte d’Azur.

De charme van het Franse buitenleven voor een dierenliefhebber als ik, is dat er veel mogelijk is. Dat wil zeggen: in mijn geval. Mijn huis heeft een machtig stuk eigen grond aan de rand van een bos. En na het uitbreiden van het honden- en kattenbestand dacht ik meteen aan kippen, geiten en ezels. Misschien niet zo verstandig, ik bedoel het huis was nog niet af, de tuin nog een bouwput, maar ja, ik wilde kippen, die zouden en moesten er komen en wel zo snel mogelijk. Ik heb in mijn leven al vaker kippen gehad, dus ik wist precies welke soort ik begeerde: Brahma’s, grote, stoere en erg tamme kippen.

Jaren geleden heb ik er zes plus een haan uit Nederland meegenomen. Want hier in Frankrijk was en is het een heel zeldzaam ras. Maar ja, zo rond kerstmis toen ik in Nederland was en mijn hond uit logeren, bleken ze na mijn retour geroofd. De buurman die ze voor een mooie maaltijd achterover had gedrukt? Kwalijke gedachte, maar mijn relatie met die man was niet zoals je zou willen. Om het voorzichtig te zeggen. Uiteindelijk raakte ik er wel van overtuigd dat een vos zijn kans schoon had gezien.

Enfin, nieuw huis, nieuwe ronde, nieuwe kansen, nieuwe Brahma’s. Familie uit Nederland zou komen logeren, men wilde wel wat kippen meebrengen. In allerijl timmerde ik een hok in elkaar, de ren moest nog even wachten. Toen mijn logés arriveerden, had ik alleen maar oog voor hun doos met kippen. Een klap voor mijn kop toen ik die openmaakte. Zeven kuikens van een mij onbekend kippenras en geen Brahma te vinden… Maar okay, de diertjes waren goed verzorgd. De familie ging aan de borrel en ik kreeg te horen dat ik heel dankbaar moest zijn. Je zal ’t maar opbrengen, 1.200 km in de auto met stinkende kuikens aan boord.

Dankbaar? Mijn familie bleef een week, na twee dagen was er al een kuiken dood en zo ging het maar door, tot ik er tenslotte ondanks alle goede zorgen maar één overhad. Ze moeten een ziekte onder de leden hebben gehad. Ontgoocheld ging ik naar een boerderij, twee kilometer verderop. Ik kocht er acht kuikens, géén Brahma’s, en zette ze onder een warmtelamp. Ze groeiden als kool. Toen kwamen onze nieuwe Franse buren kijken en die zeiden: dit kan niet, er zijn hier in het bos allerlei wilde dieren, er zijn vossen, wist je dat sangliers ook kippen eten?

Nou, dacht ik, onze grote erfhond regelt dat wel. Tot er zich midden op de dag een roofvogel in onze ren stortte en een kip, net de laatst overgebleven Nederlandse, te grazen nam. De Franse kippen, slimme meiden met natuur ervaring, waren het nachthok ingevlucht. Had nou maar naar je buren geluisterd, stadse amateurboer!

Het duurde even, maar ik werd een eierboer, met de Franse buren als voornaamste afnemers. Dat resulteerde natuurlijk in een uitnodiging voor een lunch bij de Fransen. De BBQ ging aan, er kwam van alles op tafel, er waren maar twee gespreksonderwerpen: paddenstoelen en de jacht. Ik zei dat ik weleens mee wilde: paddenstoelen zoeken. No way! Geheim is geheim, al helemaal als ’t om de plekjes gaat waar je paddenstoelen vindt.

In de week erop kwamen de buren langs met een grote mand. Paddenstoelen, plus een zwijnenbout en twee fazanten. Ik schonk een borrel in, bereidde een maaltijd en gaf tenslotte een doos verse eieren mee. Ik wist zeker: van je Franse buren moet je het hebben.

 

Dit artikel verscheen tevens in het kwartaalmagazine Côte & Provence. Interesse in dit magazine, hét tijdschrift over alle aspecten van het goede leven in Zuid-Frankrijk? Ga voor meer informatie naar de website van Côte & Provence.

Laat hier een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *